|
|
De huurovereenkomst bestaat van zodra een persoon, de
verhuurder genoemd die meestal ook de eigenaar is, het
gebruik of het genot van een onroerend goed of een deel
ervan aan een andere persoon, huurder genoemd, tegen het
betalen van een huurprijs verhuurt.
Elke huurder heeft dus noodzakelijkerwijze een huurovereenkomst,
zelfs indien hij het soms niet weet: een geschreven tekst is niet
altijd nodig en het bepalen van een bepaalde duur ook niet om een
huurovereenkomst te hebben.
Indien de overeenkomst tussen verhuurder en huurder niet
schriftelijk werd vastgelegd, spreekt men van een
mondelinge huurovereenkomst.
Indien daarentegen, deze overeenkomst het voorwerp uitmaakt van een
schriftelijk akkoord, heeft men een geschreven
huurovereenkomst.
Om een geschreven huurovereenkomst te hebben moet de huurovereenkomst
opgesteld worden in evenveel exemplaren als er partijen zijn in de
overeenkomst.
Ieder exemplaar dient het aantal originelen te vermelden die
opgesteld en ondertekend werden .
Elke partij moet dus over een origineel stuk beschikken.
Indien er slechts twee partijen zijn in de huurovereenkomst (de
huurder en de verhuurder), wat in de meeste gevallen voorkomt, moet
de huurovereenkomst dus minstens in twee exemplaren opgesteld worden,
één voor elk van de partijen.
Indien dat niet het geval is, zal de huurovereenkomst beschouwd
worden als een mondelinge overeenkomst.
In praktijk zullen minstens altijd drie exemplaren
nodig zijn, daar één bestemd is voor de verplichte
formaliteit van de registratie.
Elke huurovereenkomst mag dus schriftelijk of mondeling gesloten
worden.
De wet beschermt evenzeer de mondelinge als de geschreven huurovereenkomst, MAAR opgelet:
a. Geen indexering van de huurprijs.
De huurprijs van een mondeling contract, gesloten vanaf 31 mei
1997, kan niet jaarlijks worden aangepast aan de index.
b. In de relatie tussen huurder en verhuurder.
Een mondelinge huurovereenkomst heeft evenveel waarde tussen de
partijen die het gesloten hebben als een geschreven huurovereenkomst,
met nochtans één uitzondering:
Indien de partijen een huurovereenkomst met een korte duur
voor drie jaar of voor minder dan drie jaar willen sluiten, (1
jaar, 18 maanden, 2 jaar, 26 maanden, ...) of indien zij een
huurovereenkomst willen sluiten voor méér dan 9
jaar, kan dit enkel met een geschreven
huurovereenkomst.
Indien die huurovereenkomst niet schriftelijk wordt gesloten is deze
geldig, behalve wat de duur betreft die dan van rechtswege 9 jaar
wordt, en de indexatie wordt uitgesloten.
|
Voorbeeld: De huurder en de verhuurder komen
mondeling overeen dat een huurovereenkomst voor 2
jaar wordt gesloten van 1 september 1996 tot 31 augustus
1998. |
a. Indien de overeenkomst geschreven is, is het bestaan ervan meestal gemakkelijk te bewijzen.
b. Indien de huurovereenkomst mondeling is, moet men twee gevallen onderscheiden:
- hetzij een geschreven bewijs (betaling van een voorschot, brief met betrekking tot de overeenkomst, ...);
- hetzij het feit dat de huurder de woning op een ondubbelzinnige wijze betrekt en dit uit hoofde van zijn hoedanigheid van huurder;
- hetzij door het betaalbewijs van de huurprijs.
De registratie van een geschreven huurovereenkomst is een
verplichte formaliteit die opgelegd wordt door de bepalingen van het
fiscaal recht.
Dezelfde bepalingen leggen tevens de registratie op van alle
bijvoegsels aan de overeenkomst d.w.z. de wijzigingen die aan de
overeenkomst aangebracht worden.
Deze formaliteit houdt in dat de overeenkomst in drie exemplaren
(indien er slechts twee partijen zijn) aan het bureau van de
ontvanger der registratie van de plaats waar het goed gelegen is moet
worden voorgelegd.
Alle adressen van deze bureaus zijn vermeld in de telefoongids onder
de rubriek "Ministerie van Financiën - Registratie".
Op de twee exemplaren van de huurovereenkomst bestemd voor de
verhuurder en de huurder moet men een fiscale zegel van 200 frank
aanbrengen en deze te niet doen alvorens ze af te geven aan de
ontvanger der registratie.
Hij zal de 2 exemplaren overhandigen na er een stempel te hebben op
aangebracht met de datum van de registratie en de hierop betaalde
rechten.
Deze fiscale zegels kunnen gekocht worden in een postkantoor of in
het bureau van de ontvanger der registratie.
De contracten van huur, onderhuur of overdracht van huur van onroerende goederen of gedeelten van onroerende goederen die uitsluitend bestemd zijn tot huisvesting van een gezin of een persoon, zijn onderworpen aan het algemeen vast recht van 1.000 Frank.
De wet legt de formaliteit op zonder te bepalen of het de
verhuurder of de huurder is die de registratie op zich moet
nemen.
Het is dus aangeraden dit in de huurovereenkomst te bepalen.
Indien de overeenkomst niets bepaalt, zijn beide partijen verplicht
de overeenkomst te laten registreren.
De kosten worden dan gedeeld door twee.
Aangezien de registratieformaliteit de rechten van de huurder veilig
stelt t.o.v. derden, is het in zijn belang om tot de registratie over
te gaan, ook als hij er de kosten van moet dragen.
De huurovereenkomst moet binnen de vier maanden volgend op de sluiting van de huurovereenkomst geregistreerd worden. Indien de huurovereenkomst niet geregistreerd werd binnen deze termijn, kunnen de verhuurder en de huurder een boete krijgen. De huurovereenkomst mag evenwel later en tot op de einddatum worden geregistreerd. De boete kan niet hoger liggen dan het bedrag der registratierechten .
tussen verhuurder en huurder, heeft een niet
geregistreerde huurovereenkomst precies dezelfde waarde en
dezelfde gevolgen als een geregistreerde overeenkomst;
ten opzichte van derden, is de registratie echter
belangrijk omdat hij aan de overeenkomst een vaste datum
geeft, die het contract tegenstelbaar maakt ten opzichte van
derden en namelijk tegenover de koper van het gehuurde
goed.
Dit betekent dat, naast de huurder en de verhuurder, niemand het
bestaan van de overeenkomst kan ontkennen en deze moet worden
nageleefd.
Een authentieke huurovereenkomst, namelijk een
huurovereenkomst opgesteld door een notaris, heeft altijd een
vaste datum.
Een geschreven onderhandse huurovereenkomst (d.w.z. niet authentiek)
heeft een vaste datum:
vanaf de dag van de registratie;
vanaf de dag van het overlijden van één der
partijen die deze ondertekend heeft;
vanaf de dag waarop het bestaan van de overeenkomst werd
vastgesteld bij vonnis of door een akte opgesteld door een openbaar
ambtenaar, zoals een notaris of een gerechtsdeurwaarder.
Een mondelinge huurovereenkomst heeft nooit een vaste
datum.
Vóór de huurwet bestonden er twee soorten huurovereenkomsten:
Alle overeenkomsten hebben nu een bepaalde duur:
Het is nochtans zeer belangrijk te weten of een geschreven
overeenkomst die gesloten werd vóór 28 februari
1991, van bepaalde of van onbepaalde duur is om te weten
of de huurwet er onmiddellijk op van toepassing was.
De huurwet werd inderdaad onmiddellijk toepasselijk op alle
mondelinge contracten en op de geschreven contracten voor onbepaalde
duur.
Maar de huurwet werd niet van toepassing op de geschreven
contracten van bepaalde duur gesloten vóór 28 februari
1991 (zie verder).
Een verplichtende regel is een regel waarvan men niet mag
afwijken binnen de overeenkomst, zelfs indien de verhuurder en
huurder akkoord gaan.
Zo'n regel is van toepassing zelfs indien het contract een
tegenovergestelde clausule inhoudt.
In dit geval is deze contractuele clausule nietig.
De bepalingen van de huurwet (Afdeling II) zijn in principe
verplichtend behalve in de mate dat ze zelf bepalen dat ze het
niet zijn.
Een aanvullende regel is een regel waarvan mag afgeweken
worden in het contract.
Deze is slechts van toepassing op de mondelinge overeenkomst of
indien de geschreven overeenkomst het tegenovergestelde niet
voorziet.
De algemene bepalingen van het Burgerlijk Wetboek (artikelen 1708 tot
1762bis) zijn normaal gezien aanvullend, tenzij ze zelf bepalen dat
ze verplichtend zijn.
De huurovereenkomst betreffende de woning die bestemd is tot
hoofdverblijfplaats van een gehuwd paar wordt altijd verondersteld
gesloten te zijn geweest door beide echtgenoten, zelfs indien het
contract slechts gesloten werd door één van de
echtgenoten, en zelfs als het gesloten werd vóór het
huwelijk.
De huurovereenkomst is dus altijd het eigendom van beide
echtgenoten.
Deze regel heeft niet de bescherming van de verhuurder tot doel maar
deze van één van de echtgenoten.
Dit betekent:
dat de verhuurder verplichtend alle opzeggingen, betekeningen
en exploten met betrekking tot de huurovereenkomst in twee exemplaren
afzonderlijk aan elk van de echtgenoten moet opsturen (in de praktijk
zal een brief geadresseerd worden aan Mevrouw ..., en een andere aan
Mijnheer ..., in twee afzonderlijke omslagen);
dat de opzeggingen, betekeningen en exploten tevens door de
twee echtgenoten-huurders afzonderlijk aan de verhuurder moeten
geadresseerd worden.
Wat indien deze formaliteiten niet nageleefd worden ?
De verhuurder kan de nietigheid van de aktes die hem opgestuurd
worden niet inroepen omwille van de hierboven vermelde regel, daar
deze regel de bescherming van de belangen van de
echtgenoot-echtgenote beoogt.
Elk van de echtgenoten zal nochtans de nietigheid van de akten, die
slechts aan één van hen geadresseerd werden door de
verhuurder of die slechts door één van de echtgenoten
aan de verhuurder werden geadresseerd, kunnen inroepen, op voorwaarde
echter te bewijzen dat de verhuurder kennis had van het huwelijk.
In praktijk, indien de echtgenoten deze regel willen inroepen moeten
zij in de huurovereenkomst uitdrukkelijk vermelden dat zij gehuwd
zijn of de verhuurder per aangetekende brief inlichten over hun
huwelijk indien het huwelijk na het sluiten van de huurovereenkomst
plaatsvindt.
Bij een opzeg die op ieder ogenblik kan worden gegeven, neemt de
opzeggingstermijn een aanvang de eerste dag van de maand die volgt
op de maand waarin de opzeg wordt gegeven. (=nieuwe
bepaling!)
Deze regel geldt voor de opzeggingen gegeven vanaf 31 mei
1997.
notariskantoor Van Damme
Residentie "Groenhove"
Gistelse Steenweg 138 bus F/1
8200 Brugge (Sint-Andries) België
Tel. +32 50 38.11.11 en +32 50 40.40.40
Fax +32 50 38.57.77 en + 32 50 40.40.20
E-mail: vandamme@notare.be URL:
http://www.notare.be
Laatst bijgewerkt op 18 mei 2000